Kurt Vernimmen: voorzitter van het organisatiecomité is tevens parcoursbouwer
WK is complexe puzzel
Het WK in Hulst staat straks ongetwijfeld garant voor topsport van de bovenste plank. Dat de vele tienduizenden toeschouwers ter plaatse en de fans die naar de televisie kijken vergast zullen worden op een memorabel evenement is te danken aan de inzet van pakweg 800 medewerkers, mensen die instaan voor de opbouw van het parcours, voor de bereikbaarheid van de omloop en voor het comfort dat op de omloop wacht. “Zo’n WK op poten zetten kan je vergelijken met het leggen van een complexe puzzel”, laat Kurt Vernimmen, voorzitter van het organisatiecomité, weten. “Maar zoals het er nu naar begint uit te zien zijn alle stukjes op de juiste plaats terecht gekomen.”
Kurt Vernimmen, voorzitter van het organisatiecomité
Zoals een schrijver met een wit blad begint, zo kijkt Kurt Vernimmen naar Google Maps vóór hij een (voorstel tot) veldritparcours uit zijn mouw schudt. De man die verantwoordelijk tekende voor het ontwerp en de uitvoering van de omlopen in onder meer Kruibeke, Lokeren, Oudenaarde (Koppenberg), Zeven (Duitsland), Overijse, Val di Sole en Sardinië (Italië) en Hulst begint er altijd op dezelfde manier aan. “Je vormt jezelf een eerste idee door naar Google Maps te kijken. Maar zaligmakend is dat niet.(Lacht) Het is al vaak gebeurd dat ik alles wat vooraf in mijn hoofd zat moest laten varen als ik ter plekke kwam.”
Aankomst en pits
Hoe begin je aan zo’n immense taak? Door in eerste instantie te bepalen waar je de finish en de pitsstrook gaat situeren, zo blijkt. “Dat zijn de twee ijkpunten waar alles rond draait”, klinkt het. “Voor het uittekenen van een materiaalpost heb je een strook van 25 meter breed en 60 meter lang nodig. Wat de finish betreft: daarvoor heb je vlakke of oplopende strook nodig van minimaal 200 meter lang en 6 meter breed. Zijn die twee voorwaarden vervuld, dan kan je beginnen puzzelen.”
De Koppenberg in Oudenaarde, de Kuil in Zonhoven, de befaamde schuine kant in Namen, de Brabantse Wal en de imposante trappenpartij in Hoogerheide: de populairste veldritten van het seizoen hebben een eigen, uniek verhaal. In Hulst draait alles om de vesting, de omwalling die de stad destijds moest beschermen tegen indringers met slechte bedoelingen.
“Ik hou van een omloop die uitdagend is”, laat Kurt Vernimmen weten. “Hulst met zijn bijna verticale beklimmingen is een droom voor een parcoursbouwer. De manier waarop de renners die hindernissen overwinnen is ronduit spectaculair. Coureurs kunnen veel meer met een fiets dan je denkt, hoor. Een omloop uitstippelen is een van de dingen die ik het liefst doe. Wel, in dat verband is Hulst een absoluut cadeau voor mij.”
Complete makeover
In vergelijking met de vorige Wereldbekerwedstrijden onderging het parcours in de Vestingstad een complete makeover. Kurt Vernimmen: “Op de oude omloop konden we slechts 1.200 VIP-gasten kwijt. We hebben nu extra ruimte gecreëerd, dat maakt dat we straks 4.500 gasten kunnen ontvangen in de VIP-tenten. Om binnen de voorgeschreven afstand qua lengte van het parcours te kunnen blijven hebben we een aantal pontons moeten bouwen. We laten de renners letterlijk over het water rijden. Dus dat wordt straks ook iets om naar uit te kijken.”
Een omloop hoort niet alleen sportief uitdagend genoeg te zijn, er zijn ook een aantal andere aspecten die net zo belangrijk zijn. “Het comfort van de toeschouwers, bijvoorbeeld. Daar horen ook zaken als veiligheid en ‘flow’ qua verplaatsingen bij. Dat zijn uitdagingen die me enorm aanspreken bij het ontwerpen van een omloop: hoe je al die dingen op mekaar kan afstemmen. Hoe kan je renners, veiligheidsmensen en publiek op een vlotte, correcte en veilige manier laten circuleren, op en rond het parcours: dat zijn dingen waar ik me vooraf graag over buig.”
Alles in eigen beheer
De omloop in Hulst is opgetrokken door een ervaren, gemotiveerde ploeg van ongeveer 30 mensen. “We werken met een vriendengroep die perfect op mekaar ingespeeld is”, laat Vernimmen weten. “Een bestaand parcours zoals dat van Overijse bouwen we met ons team in pakweg drie, vier dagen op. Zo’n WK is natuurlijk een heel ander gegeven. Dat duurt minimaal dubbel zo lang voor dat af is. Het leuke aan dit team is dat we er met zijn allen constant mee bezig zijn. Als we na de dagtaak samen een pintje gaan drinken, dan gaat het nóg over dingen die sneller en beter kunnen. We zijn met zijn allen gebeten door dezelfde microbe, zeg maar. Het afgewerkte product dat je op het WK te zien krijgt is allemaal eigen werk. Paaltjes, nadars, netten, bruggen, pontons, publieksdoorgangen: we houden alles zelf in de hand. Dat vinden we ook het makkelijkst.”
Mobiliteit
Al zijn er ook dingen die Vernimmen en zijn team deels uit handen moeten geven. De mobiliteit, bijvoorbeeld. Die uitdaging wordt aangegaan in samenwerking met een aantal externe partijen. Dat Hulst vlak bij de Belgische grens ligt is tegelijk een vloek en een zegen, zo blijkt.
“We verwachten een groot aantal Belgische supporters naast alle Nederlanders die komen kijken”, zegt Kurt Vernimmen. “De kans is reëel dat er straks pakweg 50.000 toeschouwers zullen opdagen. De uitdaging is die vlot ter plaatse krijgen, en na afloop zonder files weer naar huis. Die taak is niet gering, want vanuit Vlaanderen is er eigenlijk maar één toegangsweg richting Hulst. Twee jaar geleden kwamen er 20.000 toeschouwers opdagen, en alles in en rond Hulst liep compleet vast. Dat kan en mag niet meer opnieuw gebeuren. Dus is er een heel ambitieus verkeersplan uitgedokterd. We werken samen met de provincies Oost-Vlaanderen (België), Zeeuws-Vlaanderen (Nederland), met Wegen en Verkeer, met de havens van Antwerpen en Terneuzen: de mobiliteit is de grootste uitdaging van dit WK. Maar we zijn op het weekend zélf met ongeveer 800 medewerkers om alles – dus ook het verkeer – letterlijk in goede banen te leiden. Als iedereen zich keurig aan de vooraf gemelde – kopers van een ticket krijgen een mail met verkeerstips – richtlijnen houdt moet dat lukken, daar ben ik van overtuigd.”


